"Klassieke muziek kan een rustpunt zijn in onze razendsnelle wereld."
“Ik vind het een ongelofelijk uitpakstuk! Het laatste deel is zo levendig, zo vreugdevol, zo sprankelend. Zo hebben we niet veel werken in het repertoire.” Het is duidelijk: Anastasia Kobekina heeft zin in het 'Eerste Celloconcerto' van Haydn – al geeft ze toe dat ze het werk na een deugddoende vakantie nog niet opnieuw heeft opgepikt. “Het is pas eind maart, toch? Er is nog tijd, en soms wil je als uitvoerder even afstand nemen. Even niet repeteren om met een frisse blik naar de muziek te kijken.”
Jasper Croonen
Die frisse blik op de muziek vond Kobekina vooral na haar studies barokcello in Frankfurt. Het leerde haar op een andere manier luisteren. Niet omdat ze de muziek nu per se historisch correct wil uitvoeren, maar de opleiding leerde haar nieuwe nuances om mee te spelen. Zo klonken de darmsnaren op haar recentste album – gewijd aan de Cellosuites van Bach – verrassend hedendaags, en wil ze ook tijdens de concertreeks Roots met Symfonieorkest Vlaanderen op zoek gaan naar een fusie tussen heden en verleden.
“We kunnen nooit helemaal weten hoe de muziek toen klonk. Zelfs als we alle bronnen zouden bestuderen, alles zouden weten, alles precies zouden doen zoals het toen gedaan werd, dan nog blijven we mensen van vandaag. We hebben niet dezelfde culturele bagage. Onze concertzalen zijn nu veel groter. Het beeld zal altijd gedeeltelijk onvolledig blijven. Daarom denk ik dat het belangrijk is om dat historische aspect op een speelse manier te benaderen. Ik probeer zelf eerder te denken vanuit de uitvoering, dan vanuit de theoretische bronnen. Dat geeft me de vrijheid om stijlen te mengen. Om dit celloconcerto niet helemaal authentiek in de classicistische stijl uit te voeren, maar er wat barok of zelfs een vleugje romantiek aan toe te voegen en zo al die kleuren te gebruiken.
Geen muzikale dictator
Het is duidelijk dat die benadering van het repertoire aanslaat. Kobekina, nog maar 31, staat toch al jarenlang op de bühne. Ze won een handvol prestigieuze prijzen en brengt al bijna tien jaar albums uit – in het begin voornamelijk met repertoire van haar vader, componist Vladimir Kobekin. Maar vooral de laatste maanden gaat haar carrière als een speer. Kobekina’s recentste opname werd bedolven onder recensiesterren en de artieste is dezer dagen dan ook enorm druk bevraagd. De komende maanden staat ze onder meer in het Concertgebouw Amsterdam, treedt ze op met de Wiener Symphoniker en is ze artiest in residentie bij TivoliVredenburg in Utrecht.
Toch blijft de celliste nuchter onder haar recente successen. Ze spreekt bescheiden over haar rol als uitvoerder en wil het publiek niet dwingend meenemen in haar vertolking. “De manier waarop ik de muziek wil communiceren, kan op een volledig andere manier geïnterpreteerd worden door het publiek. Ik ben niet verantwoordelijk voor hoe je ze hoort. In de concertzaal krijgt iedereen een eigen versie, afhankelijk van je persoonlijke achtergrond. We ervaren die noten natuurlijk allemaal samen, en soms krijg je van die magische momenten van eensgezindheid, wanneer je voelt dat iedereen de adem inhoudt, maar ik denk dat een concert vooral een individuele ervaring is. Ik kan op geen enkele manier vaststellen of wat ik wil communiceren ook effectief zo wordt waargenomen door een luisteraar.”
Muzikale mindfulness
Uit dat unieke karakter put Kobekina haar grootste spelplezier. Een vertolking mag daardoor elke keer nieuw en anders zijn. “Je speelt nooit helemaal zoals het gerepeteerd is,” zegt ze. “Het heeft iets improvisatorisch, hoe je je telkens weer aanpast aan het moment. Hoe je de focus van een publiek voelt verschuiven, en je daar als uitvoerder op moet reageren.”
Die focus is voor haar cruciaal. Ze geeft aan hoe ze de aandachtspanne van het publiek voelt veranderen. Als kind van deze tijd ziet Kobekina zeker de vele voordelen van sociale media: ze is bereikbaarder, voelt zich verbonden met personen met gedeelde interesses, beschouwt de platformen als een enorme bron van informatie – “wie nog nooit een voet in een concertzaal heeft gezet, kan online makkelijk inschatten wat de geplogenheden van een bepaalde plek zijn.” Maar tegelijkertijd voelt ze als artieste ook de druk om constant te posten en bekritiseert ze de agressieve manier waarop Instagram, TikTok en andere sociale media onze aandacht opeisen.
“Ik denk dat het heel boeiend is om in deze veranderende tijden te leven. Niet zo lang geleden was het nog helemaal anders om je veertig minuten te concentreren op een muziekstuk. Ik ga niet pretenderen dat ik de rol van muziek in onze maatschappij kan definiëren, maar ik voel wel hoe die rol aan het verschuiven is. In de tijd van Haydn was muziek entertainment voor de elite. Vandaag is het geen entertainment meer, of toch niet uitsluitend. Klassieke muziek is meer dan ooit een luxe geworden, waarbij we ons voor de duur van een concert kunnen afsluiten van de wereld. Zonder telefoon. Het lijkt wel of mensen ook daarvoor naar concerten komen. Om te onthaasten. Als rustpunt in onze razendsnelle wereld. Klassieke muziek kan dat rustpunt zijn. Maar het blijft wel rust met een zeker engagement. Rust die ons emotioneel en intellectueel stimuleert.”
Dit interview verscheen oorspronkelijk in het Symfozine van Symfonieorkest Vlaanderen