Laatbloeiende melkmuilen
Een bijdrage van Régis Dragonetti
Op het risico voor een ‘jeunist’ te worden versleten: wie zou er niet graag jong blijven, of toch zo lang mogelijk? Wel nu, u kan zich de anti-rimpelcrème en het halfjaarlijks tripje naar de botoxkliniek besparen. Veel doeltreffender en duurzamer is het namelijk om een carrière in de klassieke muziek uit te bouwen. Neem dirigent Martijn Dendievel, celliste Anastasia Kobekina en componist Adrien Sassier. De eerste twee zijn dertigers, de andere rondt dit jaar de kaap. Geef toe, als atleten of ondergoedmodellen zouden we zo’n trio tot de meer ervaren garde dan wel tot de schier pensioengerechtigden rekenen. Niet zo op het podium van De Bijloke! Daar immers treden deze threenagers samen met Symfonieorkest Vlaanderen fris en fruitig voor het voetlicht als ‘A New Generation’.
Och ja, ik overdrijf misschien wel een beetje. Prille dertiger zijn en je niet oud voelen is nu ook weer niet zo vreemd… vandaag althans. In de steentijd, waar de levensverwachting slechts een luttele 33 jaar bedroeg, was je op die leeftijd natuurlijk al hoogbejaard. Maar ook in een veel minder ver verleden werden dertigers bepaald niet piep genoemd. Zo werden in het achttiende- en negentiende-eeuwse muziekbedrijf de jeugdjaren alleszins een pak vroeger afgesloten. Logisch ook. Muziek is bij uitstek een vaardigheid – net als schaak en wiskunde bijvoorbeeld – die op jonge leeftijd al tot grote ontwikkeling kan komen. Er is in die zin niets wonderbaarlijks aan zogeheten wonderkinderen. Uiteraard tref je ze slechts aan in de minder bevolkte regionen van de Gausscurve (nog zo’n ‘wonderkind’ trouwens, Gauss), maar zo zeldzaam zijn ze nu ook weer niet. In het klassieke pantheon zijn juist de laatbloeiers de uitzondering.
Laat ons bij wijze van steekproef eens naar het programma van onze ‘New Generation’ kijken. Jantje Brahms trad op zijn elfde voor het eerst op in kamermuziekverband en volbracht zijn eerste solorecital op zijn vijftiende. Jefke Haydn had naar eigen zeggen van de Almachtige God zoveel talent gekregen dat hij op zijn zesde missen zong vanop de koorzolder en ook zijn plan trok op het clavecimbel en de viool. Flixie Mendelssohn was ten slotte amper tien toen hij zijn vader zijn Lied zum Geburtstag meines guten Vaters overhandigde. Anno 2026 sta je daar als Europeaan versteld van. ’t Is toch iets geheel anders dan het sleutelrekje dat ik zelf ooit voor vaderdag knutselde. En onder ons gezegd, meer dan een morsig beschilderde plank met wat kromme nagels was het niet.
Vergelijkingen als deze stemmen tot nadenken. Als we vandaag collectief langer leven, dan is het misschien niet zo gek dat we onszelf wat langer tot de jeugd rekenen. En als de wereld inderdaad sneller dan ooit verandert, dan zou het ook logisch zijn dat generaties onderling sterker verschillen. Wordt daarom zo vaak met jeugd gedweept, zelfs in het klassieke wereldje waar men doorgaans niet vies is van een eeuw meer of minder? Dertigers Martijn Dendievel, Anastasia Kobekina en Adrien Sassier, met muziek uit drie verschillende eeuwen, onder een dertiende-eeuws eiken gebinte. Ik ben alvast in de war.
Régis Dragonetti is theoriedocent aan het KASK & Conservatorium. Hij publiceerde gedichten in verschillende tijdschriften en bracht in 2020 de roman 'Karbonkel' uit. Hij schreef zijn column bij dit concert op vraag van Muziekcentrum De Bijloke