Blijf 'ja' zeggen
Een bijdrage van Matthew Barley
Toen de Cello Biënnale Amsterdam me uitnodigde om een nieuw project te creëren, begon een zoektocht die uiteindelijk leidde naar ‘51 Strings’. Wat aanvankelijk een eenvoudig idee leek, groeide uit tot een ontmoeting tussen vier muzikale tradities, vier persoonlijkheden en een gezamenlijke liefde voor klank, nieuwsgierigheid en improvisatie.
De titel verwijst naar de 51 snaren van de instrumenten die op het podium samenkomen. Naast mijn cello hoor je de Finse kantele, een betoverende tafelharp, de West-Afrikaanse kora en de Braziliaanse berimbau. Het zijn instrumenten die elk een eeuwenoude geschiedenis meedragen, maar actief worden ingezet – en niet als museumstukken naast elkaar worden geplaatst.
Het samenstellen van dit kwartet was een proces van bijna twee jaar. Ik zocht niet naar grote namen, maar naar mensen met wie een echte muzikale en menselijke verbinding mogelijk was. Improvisatie vormt immers het hart van dit project. Nog voor we met z’n vieren samenkwamen, sprak ik met elke muzikant afzonderlijk af om te ontdekken hoe onze stemmen zich tot elkaar verhielden. Pas toen dat goed voelde, wist ik dat dit avontuur een kans van slagen had.
In ‘51 Strings’ bewegen we voortdurend tussen compositie en vrijheid. Sommige passages zijn volledig uitgeschreven, andere ontstaan ter plaatse. Daartussen bevinden zich wat ik graag “designed improvisations” noem: muzikale landschappen met herkenbare contouren, maar met voldoende ruimte voor spontane ontdekkingen. We weten waar een reis begint en waar ze eindigt, maar de weg ernaartoe blijft elke avond anders.
De rode draad doorheen het programma zijn vier wiegeliederen uit de landen die wij vertegenwoordigen: Engeland, Finland, Brazilië en Gambia. Tijdens mijn onderzoek ontdekte ik iets fascinerends. Wiegeliedjes hebben eenvoudige melodieën om kinderen in slaap te zingen, maar achter die zachte muziek schuilen vaak opmerkelijk donkere teksten. Angst, verdriet, uitputting en onzekerheid klinken er onverbloemd in door. Het Engelse ‘Rock-a-bye Baby’ vertelt over een kind dat uit een boom dreigt te vallen, een Gambiaans wiegelied waarschuwt voor de angstaanjagende figuur Kuribamba, en in Brazilië wordt een mythisch wezen opgevoerd om kinderen tot slapen aan te manen. Het meest aangrijpend vind ik misschien wel het Finse lied, waarin een moeder haar kind liever doodt dan het een hard leven te laten meemaken. Juist dat contrast tussen de zachte, troostende melodieën en de vaak confronterende teksten raakt mij diep. Het deed me beseffen dat een wiegelied niet alleen bedoeld is om een kind in slaap te zingen, maar ook een intiem moment kan zijn waarop een ouder zijn of haar zorgen, angsten en hoop onder woorden brengt.
Die dubbele betekenis inspireerde ons. We maakten nieuwe arrangementen van deze traditionele melodieën en lieten hun verborgen emoties resoneren in onze eigen muziek. Soms verstild en intiem, soms rauw en confronterend. Daartegenover staan energieke, vaak improviserende passages die putten uit Afrikaanse en Braziliaanse groove-tradities. Zo ontstaat een programma dat voortdurend balanceert tussen contemplatie en beweging, tussen schaduw en licht. Misschien licht daar de essentie van 51 Strings: luister naar elkaar, durf risico’s nemen en blijf vooral ‘ja’ zeggen. ‘Ja’ tegen onbekende ideeën, ‘ja’ tegen onverwachte ontmoetingen, ‘ja’ tegen de creatieve sprong waarvan niemand op voorhand weet waar ze zal uitkomen. Voor mij zit daarin de ware geest van muziek.