György Kurtág wordt 100!
Als je dit leest op 19 februari 2026, dan is het officieel: György Kurtág is 100 jaar geworden. De eeuweling werd in 1926 geboren in Lugoj, een dorpje in Roemenië, en is tot op vandaag een van de invloedrijkste componisten van hedendaagse klassieke muziek.
Sander Martens
In deze 100 jaar bracht Kurtág een oeuvre dat op één dag volledig uitgevoerd kunnen worden. Qua totale duurtijd lijkt dat misschien wat aan de korte kant, maar wat het mist in lengte, maakt het goed in complexiteit en gevoel. Kurtág houdt niet van half werk, dat kan je wel stellen.
Tijdens zijn studies bij professoren compositie Sándor Veress en Ferenc Farkas aan de Franz Liszt-academie in Boedapest verwierf Kurtág de Hongaarse nationaliteit. Hij sluit dan ook moeiteloos aan op de lange Hongaarse traditie van Franz Liszt, Zoltán Kodály en Béla Bartók. Samen met György Ligeti, met wie hij samen studeerde en een nauwe band had, en (de iets jongere) Péter Eötvös vormde hij het voorste front van naoorloogse muziek in Hongarije. Zo schreef hij, onder invloed van de muziek van Bartók, voor de traditionele Hongaarse cimbalom, zoals in 'Szálkák' en 'Scenes from a novel, opus 19".
Wedergeboorte in Parijs
Kurtág ontsnapte de spanningen in eigen land na de Hongaarse revolutie in 1956 en vertrok naar Parijs. Daar ontmoette hij componisten als Max Deutsch, Olivier Messiaen en François Milhaud, volgde lessen bij hen, en kwam er ook in aanraking met het werk van Anton Webern, de theaterstukken van Samuel Beckett.
Nog een andere ontmoeting zou zijn loopbaan voorgoed veranderen. Onder invloed van kunstpsychologe Marianne Stein leerde hij te componeren vanuit zichzelf, en voor zijn eigen waarheid. Ook haar concept van Einzeltöne, enkele tonen, bracht hem - ondanks een F.C. De Kampioenesk misverstand - dichter bij zijn eigen stijl: “Ze zei dat ik twee noten met elkaar moest combineren. Ze bedoelde dat ik een melodische samenhang moest creëren, maar ik had begrepen dat ik stukken moest schrijven die begonnen met één noot, bijvoorbeeld een do, en eindigden met bijvoorbeeld een la. Ik ging er helemaal in op, en het zette me aan het denken over hoe ik moest componeren.”
Deze korte maar impactvolle ervaring had een groot effect op zijn terugkeer naar Hongarije, in 1959. Het eerste werk dat hij componeerde benoemde hij dan ook zijn 'opus 1', een nieuwe start met een strijkkwartet opgedragen aan Marianne Stein. In het stuk is buiten de invloed van Stein ook de zuinigheid van de vroegere muziek van Anton Webern voelbaar. Als componist tussen enerzijds het westerse minimalistische en serialisme en anderzijds het opgelegde sociaal realisme van de destijds communistische Hongaarse overheid werd Kurtág door critici vaak met een monnik vergeleken. Zonder veel polemiek componeerde hij vooral voor zichzelf in zijn eigen ruimte en haalt uit de stijlen enkel hetgeen wat past binnen zijn waarheid. Zijn muziek is een uniek testament van deze monniksperiode.
Spelen met Márta
György ontmoette zijn toekomstige vrouw, Márta Kinsker, in 1946. Een jaar later, in 1947, trouwden ze. Márta had enorm veel invloed op György. Ze speelden samen intieme transcripties voor piano vierhandig van Bach ("Als ik naar Bach luister, voel ik me geen atheïst.") en eigen composities van Kurtág, zoals 'Játékok' ('spel'), zijn grote reeks van tien volumes die hij over een periode van 50 jaar componeerde. Het koppel bond zich samen aan de piano, waar hun armen een berekend spel uitvoeren waarin ze in elkaar vlechten, onder elkaar door sluipen en weer loslaten. Márta Kurtág overleed in 2019 op 92-jarige leeftijd, na een huwelijk van 73 jaar.
Kurtág schreef tien volumes van 'Játékok' tussen 1973 en 2021. De verfijnde werken zijn kort, vaak niet langer dan 2 minuten. Met een complexiteit binnen het simpele vat hij een detail voor elke noot. Kurtág zocht om het kindse en spontane uit de piano te krijgen, waarin het instrument als een stuk speelgoed is waarmee geëxperimenteerd kan worden. In 'Flowers We Are, Mere Flowers … ( … embracing sounds)' schreef hij maar zeven noten, die in hun gevoel en vrijheid op zoek gaan naar een nieuwe appreciatie voor elk van die zeven.
De beweging in het geluid
Zijn fragmentarische muziek lijkt op bepaalde vlakken korte bewegingen te impliceren, tenminste muzikale. Ook Ligeti beschreef zijn fascinatie voor deze gebaren. In het eerste volume van 'Jákétok' schrijft Kurtág al extramuzikale bewegingen op voor de performer. Hij vraagt de pianist in 'Unottan' om voorbij de piano te wandelen om dan terug te keren met woede, en in 'Némajátek (Veszekedés 2)' om de toetsen van de piano zeer licht aan te raken, zonder ze te bewegen.
Zoals hij het zelf beschrijft in de inleiding van 'Játékok' ziet hij muziek op basis van enkele principes die terugkeren doorheen zijn oeuvre:
Music is a game
Music is a text, or better: a discourse
Music is first of all interpretation
Music is an act of communication, the creation of relationship, a message
Kurtág werd sterk beïnvloed door theater en literatuur, zoals die van Samuel Beckett en Franz Kafka. In 'Kafka-Fragmente Part I' uit 1987 brengt hij fragmenten van geschriften van Kafka voor sopraan en viool. Hij vergeleek zichzelf eerder al als Kafka’s protagonist uit zijn 'Metamorfose', als een kakkerlak die mens probeerde te worden. Op basis van Samuel Becketts theaterstuk 'Endgame' schreef Kurtág in 2018, op 92-jarige leeftijd, zijn allereerste opera, 'Fin de Partie'.
De componist is nog steeds productief. Hij schreef in 2023 een orkestwerk ter ere van Ligeti's eeuwfeest, in 2024 een werk voor jazzorkest, en vorig jaar ging zijn tweede opera 'Die Stechardin' (opgedragen - uiteraard - aan Márta) in première. Als laatste van zijn generatie blijft hij een levendige stem van de naoorlogse avant-garde in Europa. Zelf heeft Kurtág nog maar één wens: “om me naast Márta te kunnen neervleien”.