Nieuwjaarsconcert Stad Gent

Symfonieorkest Vlaanderen
tickets via decembernummer Stadsmagazine
zo 15 januari 15:00 - 16:45
Concertzaal
Voorbij

Programma

Feestelijke nieuwjaarsmuziek van Hector Berlioz, Johann Strauss jr., Camille Saint-Saëns, Franz Lehár & Antonín Dvořák
Knaldrang, huppellust, muziekmanie: ook Symfonieorkest Vlaanderen schudt bij de start van het nieuwe jaar graag de benen én de strijkstokken eens goed los. Spits de oren voor 'Frozen in Time' van de Israëlisch-Amerikaanse componist Avner Dorman: een ronduit overdonderend concerto voor slagwerk en orkest dat drijft op een explosieve mix van kleuren en energieën. Het Luxemburgse toptalent Christoph Sietzen zorgt voor vuurwerk. Dirigent Risto Joost gidst het orkest daarnaast door een bonte bloemlezing van de beste feestmuziek uit onze canon. Feest? Yes we can!

Uitvoerders

Christoph Sietzen, percussie

Symfonieorkest Vlaanderen
Risto Joost, dirigent

Programmatoelichting

Hector Berlioz 1803-1869
‘Le carnaval romain’, opus 9

Berlioz baseerde de sprankelende ouverture ‘Le carnaval romain’ (1844) op thema’s uit zijn opera ‘Benvenuto Cellini’ (1838). Het ‘Andante sostenuto’ kent een snelle opening, waarna de Engelse hoorn de aanzet geeft tot de magistrale orkestbewerking (altviolen en kleine houtblazers) van het liefdesduet ‘Ô Teresa, vous que j’aime plus que ma vie’ uit het eerste bedrijf. Het aansluitende ‘Allegro vivace’ herneemt letterlijk – bijna in zijn volledige lengte – een groot koor uit een van de centrale scènes van de opera: de saltarello (springerige dans) ‘Venez, venez, peuple de Rome’. Zijn karakteristieke refrein ‘Ah! Sonnez trompettes’ staat symbool voor het Romeinse carnaval.

 

Avner Dorman °1975
Concerto voor percussie en orkest, ‘Frozen in Time’
I. Indoafrica
II. Eurasia
III. The Americas

De Israëlisch-Amerikaanse componist Avner Dorman schreef het concerto ‘Frozen in Time’ in 2007 voor multipercussionist Martin Grubinger. De titel refereert aan denkbeeldige momentopnames van de geologische ontwikkeling van de aarde. De drie delen – ‘Indoafrica’, ‘Eurasia’ en ‘The Americas’ – verwijzen naar de drie grote landmassa’s die meer dan waarschijnlijk het supercontinent Pangea vormden.

‘Indoafrica’ opent met een groot gebaar, een muzikale aardverschuiving, waarna de tijd ‘bevriest’. Het hoofdthema grijpt terug naar Zuid-Indiase ritmische cycli en sequenties die ook in een aantal West-Afrikaanse muziektradities opduiken. Het spel op de marimba en de cencerros (een klavier van koebellen) refereert dan weer aan de gamelanmuziek uit Zuidoost-Azië. Vanop de drumset leidt de percussionist de beweging daarna tot een extatisch hoogtepunt.

‘Eurasia’ staat voor een heel andere klankwereld, kouder en noordelijker van karakter, met louter metalen slagwerkinstrumenten. De melodische lijnen putten inspiratie uit de siciliennes van Mozart, initieel een dansvorm waarmee hij op een intense manier verdriet en diepe emotie uitdrukte. Ook in ‘Eurasia’ voel en hoor je ondergronds de oorlog broeien.

‘The Americas’ is een snapshot van het hedendaagse Noord- en Zuid-Amerika. Mainstream Amerikaanse genres passeren de revue: Broadway, Amerikaans symfonisch, smooth jazz en grunge. Daarnaast wordt ook de wereld van de tango, Afro-Cubaanse jazz, swing én minimalisme verkend. Amerikaanse muziek is inherent inclusief, waardoor ‘The Americas’ ook Afrikaanse, Europese en Aziatische muziek herneemt. Het verbindende slot van een continentale rondgang!

 

Johann Strauss sr. 1804-1849
‘Der Carneval in Paris’, opus 100

Het Parijse carnaval was een inspiratiebron voor veel componisten, zo ook voor Johann Strauss sr. Tijdens een verblijf in januari 1838 liet hij zich meeslepen in carnavalvreugde. Op één van de gemaskerde bals presenteerde hij zijn ‘Carneval in Paris’, een galopdans opgedragen aan “die schönen Pariserinnen”.

 

Camille Saint-Saëns 1835-1921
‘Le cygne’ (uit: ‘Le carnaval des animaux’), arr. Paul Vidal

Camille Saint-Saëns schreef ‘Le carnaval des animaux’ in 1886 tijdens een vakantie in Oostenrijk. Een verjaardagsverrassing voor de Franse cellist Charles Lebouc en zijn jaarlijkse Mardi Gras-optreden. In het arrangement van Vidal vertolken harp en cello — in plaats van harp en piano in het origineel — de zwaan in haar sierlijkheid onder begeleiding van het orkest.

 

Franz Lehár 1870-1948
‘Meine Lippen, sie küssen so heiss’ (uit: ‘Giuditta’)

Franz Lehár voert in de operette ‘Giuditta’ (1834) een vrouw ten tonele die zich verveelt in haar huwelijk. Wanneer ze de jonge officier Octavio ontmoet, slaat de vonk over en volgt ze hem naar Libië. Maar zijn militaire plicht roept, en hij vertrekt op missie. Giuditta stort zich van de weeromstuit in het nachtleven en zingt in clubs ‘Meine Lippen sie küssen so heiss’. Het orkest speelt een herwerkte versie zonder zang.

 

Johann Strauss jr. 1825-1899
‘Ouverture; Mein Herr Marquis’ (uit: ‘Die Fledermaus’)

De komische operette ‘Die Fledermaus’ (1874) werd meteen een eclatant succes. Het hoofdpersonage, Gabriel von Eisenstein alias Herr Marquis, herkent op een gemaskerd bal Adèle, de bediende van zijn vrouw. In de hoop de schijn op te houden, drijft ze de spot met hem en vraagt zich in de aria ‘Mein Herr Marquis’ vol verbazing af hoe hij een voorname dame als zijzelf voor een dienstmeid kan houden. Het orkest speelt een herwerkte versie zonder zang.